Wii-lrennen in Zoeterwoude
De Wii, voor wie 't nog niet wist, is een spelcomputer voor bankpattaten met bewegingsarmoede. Je kunt ermee 'boksen', 'tennissen' en nog veel meer, vermits je je krent optilt en als een bezetene naar je televisiescherm gaat zwaaien met die joysticks. Indien game over: play again.
Wielrennen—daarover zijn we het toch eens—is geen spel; de koers is het échte leven. En dat laat zich moeilijk virtualiseren. Alhoewel... ook hier geldt dikwijls—wat rupsje betreft—game over. En alsnog: play again. Want, leipe zot die ik mij daar ben, ik kom altijd terug voor een pak slaag.
De Ronde van Zoeterwoude van afgelopen zondag, bijvoorbeeld, was weer zo'n levensechte reality check. De plot laat zich gemakkelijk uittekenen: vijftig kilometers onversneden Amateur-B-adrenaline, anderhalve kilometer door het dorp, zes bochten, tienduizend klinkertjes en... één dipje.
Het kwam betrekkelijk laat, dat dipje. Dat dan weer wel (in 2007 was ik in ronde drie al gezien). 'Selectieve parkoersen'—ik waag me daar graag aan (alhoewel Zoeterwoude iets meer Rispetto inboezemt dan goed voor me is), maar een DFi, laat staan een FotoKoos-vermelding is hier niet évident.
De geschiedenis herhaalt zich: na veertig minuten onvervalst rekkeren aan de staart van het péloton liet een voorrijder het lopen. Dat kwam—i.t.t. soortgelijke incidentjes in de voorgaande ronden—uiterst ongelegen. Het tochtige gat sprintte ik nog wel dicht, nèt voor de bocht van het Watertje naar de Dorpsstraat. Maar in de daaropvolgende S-bocht (Dokter Bouwdijkstraat) werd vol doorgetrokken. Ik trapte zó hard op m'n adem dat ik niet alleen mijn pedaal even kwijt was, maar ook de algehele 'coördinatie'.
En dit terwijl ik verdoeme zo leuk aan de weg aan het timmeren was. Ik had immers al een rondje of twintig overleefd. Natuurlijk, ronde één was geen winner. Criteriums worden nog steeds verkeerd om gereden: de eindspurt eerst—zeker in mijn geliefde 'strontrondjes'. Bijgevolg zakte Rupsje (verre van pole position en allesbehalve kamikaze) al snel door het kleine startersveld (nog geen vijftig mènne in koers). Wii-elrennen: tegen jezelf koersen.
Dus schenen de koplampen van de volgwagen non-stop in mijn hol, klonk de accordéon weer pijnlijk vals en zat ik aldoor in het verkeerde wiel (dat van degene die ieder moment de handdoek kan gaan werpen). Het bleef wonderwel goed gaan. Gaatjes vullen à la 's-Gravendeel, pijnbankieren op z'n Amstelveens (toch twee 'selectieve rondjes' op m'n recente palmares). Niet dat ik in de boter trapte of geen herstelmomenten nodig had, maar met het wegtikken van de kilometers kreeg ik meer vertrouwen in een Goede Afloop.
En deed ik 't niet voor/uit mezelf; dan wel voor/dankzij de supporters, die wederom in groten getale aanwezig waren (merci!). Moraal is immers het halve verhaal. Rupsje bracht echter niet datgene waarop de supporters, good old Santos (de Witte Furie durfde Zoeterwoude nog niet aan) en hijzelf recht hebben.
Enfin, het dipje werd te baat genomen voor een plaspauze (met zoveel publiek viel het nog niet mee om daarvoor een geschikte plek te vinden—wielerétiquette) en anderhalf rondje wachten op het péloton. Want ik was er nog niet klaar mee, met dit Zoeterwoude; afstappen alleen op last van de KNWU-jury of na een ingreep van nóg Hogere Machten.
Rupsje werd uiteindelijk nog een klein half uur koers gegund. In een uitgedund en ietwat gedemoraliseerd pélotonnetje (die viermans kopgroep gingen ze niet meer terugzien). Als 'gedubbelde' (the horror...) bemoeide ik me natuurlijk niet meer met de débatten en bleef ik keurig achteraan de schandpaal kleven. Totdat, op zo'n drie ronden voor de—in potentie—gelukzalige bel en pak 'm beet vier kilometer 'te vroeg', het pijnlijke 'gedubbelde renners... koers verlaten' uit de luidsprekers schalde.
Namens de LTRV Swift redde Wobbe (die sterk reed, maar de slag had gemist) de meubelen (plek 9). De overige Leidenaren hadden reeds voor Bruco (virtueel—maar dat telt niet—28e of daaromtrent) een comfortabeler heenkomen gezocht. Dus stonden er, wederom, drie 'allochtonen' op het podium: Martijn Suk (HRC Excelsior), Niels Oden (BRC Kennemerland) en André Boutestijn (RRC Feijenoord).
Na afloop werd ik gastvrij onthaald door een oude vriend en maakte ik kennis met het fenomeen Wii. Ook dat was geen onverdeeld succes: in mijn bokspartij tegen 'Hiroshi' werd ik gevloerd. Na zeven tellen stond ik weer op en sloeg ik deze Nintendo-creatie alsnog KO. Was wielrennen maar zo simpel. Hoe dan ook: play again, DF some more...


Corniel:
Kop op, je kan altijd nog gaan tijdrijden. Dan mag je altijd uitrijden. ;)
Post new comment