Zweefcrossen
Slaapcrossen is fijn, maar zweefcrossen is het helemáál. Met je helm in de wolken, de handjes bovenop de guidoni en de bandjes in de drek. Schitterend winterzonnetje erbij (want die wolken die zijn maar bij wijze van) en geen druk—deze SwiBoCross, op mijn thuisparkoers, is er eentje om de Crossgod weer een beetje gunstig te stemmen. Eens kijken of 'ie mijn offer aanvaardt.
Slechts negen veteranen aan de start; dus een top-tiennotering zit erin. Bij de start pruts ik, Brucodiesel blijf bij je leest, want ik heb een beetje schrik van het opgevroren asfalt en ik wil iets overhouden voor de eerste U-bocht (waar ik er altijd vanaf gekletst word). 181 hartkloppingen per minuut, dat zijn er best veel. Genoeg om de aansluiting te behouden in de eerste doortrekstrook. Maar mijn opponenten vinden het niet genoeg. Die gaan er eens goed aan schudden, aan mijn lege boom.
Rupsje krijgt steken in de zij. Geen idee uit welk orgaan die steken komen, maar pijnlijk is 't wel. Ik besluit aan iets leuks te gaan zweven (genoeg afleiding in die wolken...), los de rol en ga mijn eigen cross rijden. Droomkoers met beleid.
Moddermathematisch gezien, houd ik de schade beperkt (drie puntjes in de knip). Technisch loopt het vrij aardig. En ook de pomp toont, ondanks achterstallig onderhoud, 'hard' voor de zaak (vijfendertig minuten over de rooie; vijftien minuten net eronder).
Uiteraard ga ik een paar keer goed de mist in. Slippertje hier, stuurfoutje daar (de rubbers blijven evenwel beneden en in bedwang). Een keer blijft m'n broek achter het zadel haken, als ik na de balkjes—eindelijk heeft ook de 'Bult' balkjes (nu nog een trap...)!—terug (maar dus niet helemaal) de fiets op spring.
Maar rupsje laat ook enkele fraaie staaltjes zien in zijn tweestrijd met een collega-achterblijver. Na een ronde of wat close combat—alleen al daarom moet je de Crossgod op je (liefst blote) knieën danken voor Zijn spelletje—peer ik bovenlangs, bij de elektriciteitskast, waar 't eigenlijk niet kán. High voltage rock 'n' roll. En in het kippenbos (de zompigste, dus de lekkerste, passage van het parkoers) kan ik zowaar met de snelsten mee. Maar die liggen wél een ronde voor. It's a long way to the top, if you wanna rock 'n' roll.
En zo zweeft rupsje naar de voorlaatste stek in zijn categorie. Dat voelt vertrouwd. Dat voelt goed. Moddermisdienaartje in de rémonte...


Reageren