Cross Training
Toppers van het kaliber rupsje, die precies weten waar zij mee bezig zijn, doen aan kruistraining. Daarmee doorbreken zij de routine van week-in, week-uit dezelfde uitsloverij en voorkomen zij dat de grinta verzandt in verveling. Kruistraining schijnt goed te zijn voor de ontwikkeling van andere spiergroepen, blessurepreventie en het opladen van de mentale accu.
Veldrijden is natuurlijk de hoogste vorm van cross training. Dat behoeft geen betoog. Rupsje moddert graag aan, quasi-competetief en semi-heroïsch. Niets is zo verkwikkend als het gevecht met het slijk der aarde (en hier en daar een 'zwakke broeder'). En deze kruistraining past prima in het Plan: het adresseren van mijn Limiters—explosiviteit, kracht en stuurvaardigheid.
Dient het veldwerk in de herfst en de winter de waakzaamheid in de lente en de zomer, of is het andersom? Prioriteren valt me lastig (vind beide takken van de fietssport leuk); combineren ook (doe het allebei even graag, 't is maar wat de waan van het jaargetijde me ingeeft).
Dus gooi ik nog maar een andere kruistraining in de mix: schaatsen. Samen met de kornuiten van de IJsclub Zwanenburg e.o. (die 'omstreken' vallen nogal ruim uit) trek ik van oktober tot maart iedere dinsdagavond laat mijn baantjes op de Kunstijsbaan Haarlem. Da's verre van Tuesday Terror: als 'krassende knar', gespeend van techniek en gezegend met een kruistrainingsbehoeftige rug, ben ik al blij met enkele 'rondjes 40' in successie. En tot 'ijsblokjes' (Steigerungen e.d.) laat ik me maar hoogst zelden verleiden. Ik moet nog uitvogelen in hoeverre het schaatsen bijdraagt aan het fietsen (andersom is évident). Maar ontspannend, en daarmee verantwoord, is het wél.
Dat het schaatsen een plaats verdient in het Grote Plaatje kan ik ook historisch staven: de Leidse Ren- en Toervereniging Swift en de IJsclub Zwanenburg e.o. zijn allebei opgericht in 1919.


Corniel:
Ik zeg schaken: niets beter dan een zieke geest in een gezond lichaam...
Reageren